woensdag 7 oktober 2009

What are you doing?


Sinds de aanschaf van mijn HTC Hero (Android) sta ik meer open voor ‘Open Source’ ontwikkelingen. Ik kom er namelijk achter dat deze ontwikkelingen goed passen bij mijn ideeën over onderwijs nu en in de toekomst. Het valt me op dat de nieuwe manieren van communiceren, die web 2.0 en social media ons bieden door veel mensen als vanzelfsprekend een belangrijke rol in hun leven spelen. Met de snelheid waarmee de mobiele telefoon is geïntegreerd, zie ik om me heen ook de omarming van de mogelijkheden van sociale netwerken zoals Hyves en Facebook. Het is niet meer voorbehouden aan mensen die zich interesseren voor nieuwe ICT-ontwikkelingen alleen. De meeste gebruikers zien de sociale netwerken als een laagdrempelige (maar ook verrijkende) manier om contacten te onderhouden, zoals je voorheen de telefoon pakte.

Natuurlijk betoog ik hier niks nieuws. En we (adviseurs) roepen ook al jaren dat we hier in het onderwijs iets mee moeten. We zien nog steeds dat de didactische vernieuwingen in de praktijk achterblijven bij de mogelijkheden. Ik kom er echter steeds meer achter dat de nieuwe ontwikkelingen zoals Twitter passen binnen een ander paradigma van leren. Dit nieuwe paradigma, dat ik voor het gemak even ‘Share2Dialogue’ noem, is er op gericht dat leren een sociaal proces is, waarbij de ene persoon leert van een ander. Dit proces start bij het moment waarop een persoon besluit om te delen wat hem bezig houdt/waar hij mee bezig is. Het proces krijgt een vervolg doordat een andere persoon kennis neemt van ‘het gedeelde’. Door de ander de gelegenheid te geven om hier vervolgens eigen inzichten aan toe te voegen ontstaat een dialoog, die beide partijen nieuwe inzichten oplevert.

Het is aan het onderwijs om te bepalen hoe open we dit proces willen organiseren en welke elementen uit het proces meegenomen kunnen worden in de beoordeling. De gemiddelde docent denkt nog in termen van afschermen, controle en spieken. Willen we dat onze studenten ook in de toekomst gemotiveerd zijn om te leren, dan zullen we af moeten stappen van het paradigma van de controle. Als we het lef hebben om studenten meer los te laten, krijgen we hier actief lerenden voor terug. Hierbij past een meer open ingerichte leeromgeving, die een lerende aanzet om met anderen te delen ‘what are you doing’? en vervolgens de dialoog aan te gaan. Aan de studenten zal het niet liggen :-)

maandag 7 september 2009

Welk onderwijs werkt?

Als mensen aan mij vragen waarom ik Virtual Action Learning (VAL) een aansprekend onderwijsconcept vind, dan is mijn standaardantwoord: omdat het werkt. Maar waar baseer ik deze wijsheid op? o.a. de discussie rond het korten van de subsidies van een aantal basisscholen door staatssecretaris Dijksma en de recente blogs van Wilfred Rubens over de meerwaarde van online leren boven face to face leren, maakt een 'oude' vraag weer actueel: welk onderwijs werkt. Het antwoord op deze vraag is wat mij betreft ook relevant gezien mijn serieuze plannen om onderzoek te doen naar de meerwaarde van onderwijs.

De blog van Rubens verwijst naar een kritische blog van Nicolas Carr waarin hij reageert op diverse bloggers die met de resultaten van het amerikaanse onderzoek (waarin beweerd wordt dat online leren beter werkt dan leren in het klaslokaal) in de hand pleiten voor het sluiten van de scholen. Rubens sluit zich bij de opvattingen van Carr aan. En ik moet bekennen dat ik het er ook mee eens ben.

Ik werk sinds 1994 op het gebied van Onderwijs en ICT en sindsdien voeren we een strijd om ICT een serieuze plek in het onderwijs te geven. Natuurlijk hebben we in deze strijd behoefte aan bewijzen dat online leren meerwaarde heeft. De genoemde onderzoeksresultaten hebben vanzelfsprekend hun bijdrage aan de beleidsvorming. Maar we moeten wel kritisch blijven naar de resultaten en de wijze waarop deze verkregen zijn, voordat we met de conclusies aan de haal gaan.

Terecht verwijst Rubens in zijn eerdere blog naar de vragen die je kunt stellen bij het doen van onderzoek naar de 'effectiviteit van onderwijs' met evidence based research:
"De complexiteit en m.i. onuitvoerbaarheid van evidence based onderzoek naar onderwijs wordt geïllustreerd door Paul Kirschner in het hoofdstuk "Evidence based onderwijs: waar gaat het nou over?" in http://www.sardes.nl/simple/download.php?fileId=764. Ik ben het vaak niet met Kirschner eens, maar op dit (en ook wel anderen) wel. Met name de methodologische problemen, die Kirschner beschrijft maken dat ik zeer sceptisch sta ten opzichte van pleidooien voor evidence-based onderzoek"

Ik heb de bijdrage van Kirschner gelezen en sluit me aan bij zijn kritische opmerkingen. Het onderwijs is gelukkig op dit punt niet vergelijkbaar met de gezondheidzorg en onderwijs zonder context bestaat volgens mij niet. Is dit dan een reden om geen onderzoek meer te doen naar de effectiviteit van onderwijs? Naar mijn mening is dit niet het geval. Het is in het belang van de verbetering van het onderwijs, dat er meer wetenschappelijke bewijzen komen of bepaalde onderwijsmodellen werken. Hoe, wanneer en door wie? Daar heb ik op dit moment nog geen antwoord op, maar ik blijf de ontwikkelingen (kritisch) volgen. En op termijn zal ook ik proberen een gefundeerd antwoord te vinden op de vraag: welk onderwijs werkt?

woensdag 17 juni 2009

How to Link Twitter to LinkedIn


Thanks to Hans Mestrum and Mischa Coster today I found out how to link Twitter to Linkedin. The blog was in Dutch and @ITworks suggested to translate. Hereby the translation in English:


A way to automatically send your tweets to LinkedIn as status updates.


How to link Twitter and LinkedIn:


  1. Sign up for Ping.fm

  2. Add LinkedIn as service and get ’status updates’ ON

  3. Sign up for twitterfeed.com
    Click on ‘my feeds’ and add a new feed (‘Create new feed’)

  4. Choose ‘Ping.fm’ feed from the menu

  5. You need a ping.fm ‘application key’ to send data. Click on ‘You Ping.fm Application Key’. You find the key on the ping.fm page. Click the key and copy

  6. Paste in twitterfeed window

  7. Click on 'get available methods' and choose 'status'

  8. Go to twitter profilepage, e.g. http://www.twitter.com/vanpopta

  9. Click with right mousebutton on RSS icon and copy link

  10. Go back to twitterfeed and paste link in field ‘RSS Feed URL’

  11. Change the frequency to 30 minutes and choose 5 updates

  12. Choose 'title only' at 'Include'

  13. Mark ‘Include item link’ OFF

  14. Leave the rest on default and click 'Create’ button


It's not realtime, once in 30 minutes is the maximum!


(c) All the credits for this hack are for Mischa Coster. I just wrote the translation and added step 7

maandag 8 juni 2009

The power of feedback - part 1

Last friday I had an interesting meeting on Virtual Action Learning (VAL) in Breda. One of the items that struck me most is the discussion we had on the 'power of feedback' (by John Hattie). I mentioned this also on Twitter and Wilfred Rubens wrote an instant blog on the subject. I also received an interesting article by John Hattie (and Helen Timperley). The online version of this article can be found at: http://rer.sagepub.com/cgi/content/abstract/77/1/81

The article discusses the effectiveness of feedback. It is said that feedback is one of the most powerful influences on learning and achiement, but its impact can be either positive or negative. The article reviews the evidence related to its impact. This evidence shows that although feedback is among the major influences, the type of feedback and the way it is given can be differentially effective.

In the review, feedback is conceptualized as information provided by an agent (e.g., teacher, peer, book, parent, self, experience) regardings aspects of one's performance or understanding. Research shows that feedback can be powerful in learning, but show considerable variability, indicating that some types of feedback are more powerful than others. Those studies showing the highest effect sizes involved students receiving information feedback about a task and how to do it more effectively. Lower effect sizes were related to praise, rewards and punishment.

As I am confinced that one of the key-factors in succesfull technology enhanced learning is using a task-centered learningmodel based on learning by giving and receiving feedback from peers (and teachers), I'm very interested in this study. I will write more on this matter in future blogs.

dinsdag 2 juni 2009

Waarom niet iedere docent zijn eigen leeromgeving?

In de afgelopen drie weken heb ik drie keer een college mogen geven aan nieuwe docenten van de HAN (en een aantal andere HBO-instellingen). Het college ging over E-Learning in het HBO en ik zoomde daarin in op een case uit de praktijk. Doel van het college was om de aanwezigen te 'Sensibiliseren, activeren en stimuleren in het gebruik van e-learning in het onderwijs'. Los van het feit dat het heel leuk is om zo'n college te geven, is het voor mij als adviseur ook handig om ervaringen en (ongezouten) meningen van relatief nieuwe gebruikers van de o.a. onze elektronische leeromgeving HAN-Scholar, te horen.

2 vragen die steeds terugkeerden uit de groep waren: 'Wat wil de HAN met HAN-Scholar' en 'Waarom mag ik als docent niet zelf bepalen welke leeromgeving ik inzet'. Het college duurde slechts een uur, dus ik had niet de gelegenheid om hier uitgebreid bij stil te staan. Maar de vragen zijn wel heel relevant.

Om met de eerste te beginnen: 'Wat wil de HAN met HAN-Scholar'. Het feit dat dit voor een beginnen docent niet duidelijk is, is op zichzelf niet zo raar. Er komen veel nieuwe dingen op je af en de meeste docenten zijn vooral bezig om op tijd hun lessen voor te bereiden en niet met het waarom van de ELO. Aan de andere kant is het blijkbaar zo dat de opzet en de communicatie rond HAN-Scholar onvoldoende duidelijk maakt wat we hier als HAN mee willen. De idee achter de ontwikkeling van de ELO, is namelijk dat we een systeem neergezet hebben, dat dusdanig flexibel is, dat elke docent (en student) hier zijn ei in kwijt kan. Risico van deze keuze is dat een (beginnend) docent ondergesneeuwd raakt in de grote hoeveelheid mogelijkheden en door de bomen het bos niet meer ziet. Dit pleit voor een goede ondersteuning van met name de beginnend docenten. Een opleiding moet hiervoor zelf helder maken wat ze met een ELO willen en vooral ook wat ze niet willen en op welke wijze ze de betrokken docenten hierin mee kunnen krijgen. Bij de meeste opleiding mist dit beeld en nog erger mist ook deze ondersteuning. Als ondersteunende organisatie staan we hier vervolgens deels machteloos, omdat wij niet verantwoordelijk zijn voor de eerste lijns ondersteuning. Mijn advies aan een beginnend docent is dan ook, kaart deze kwesties aan bij je opleidingsmanager. Hij of zij is de aangewezen persoon om dit op te pakken.

De tweede vraag heeft betrekking op de mate van standaardisatie van een ELO. De meeste HBO-instellingen kiezen voor 1 standaard leeromgeving, waar alle opleidingen gebruik van kunnen maken. De voornaamste overweging voor deze keuze is kostenreductie. Maar met argument is het moeilijk om een docent te overtuigen. Er is nog een andere belangrijke reden. Met het bieden van 1 elektronische leeromgeving is het namelijk ook mogelijk om een betere kwaliteit te realiseren. Dit kent een aantal kanten. Om te beginnen de ontwikkeling van de omgeving. Door de concentratie van de activiteiten op 1 omgeving, ben je als instelling in staat om alle inspanningen te focussen, waardoor je eenvoudiger kunt zorgen voor een up to date omgeving, dan als er sprake is van meerdere omgevingen. Daarnaast speelt de ondersteuning bij het inzetten van de omgeving een belangrijke rol. Doordat we ons concentreren op 1 omgeving is het eenvoudiger om de ondersteuning op een hoog niveau te professionaliseren, dan als we meerdere omgevingen in beheer zouden moeten nemen. Uiteindelijk is de keuze voor 1 standaard leeromgeving als het goed is in het belang van de student. Op centraal niveau is sprake van een bepaalde mate van standaardisering (1 leeromgeving), maar op decentraal niveau geven we de organisatie veel vrijheid zodat flexibilisering naar de onderwijsleersituatie mogelijk blijft. Ik zie het als de combinatie van twee voordelen, maar of iedereen het zo ziet?

Al met al doet deze college-reeks me concluderen dat we als centrale organisatie meer direct contact moeten hebben met de echte gebruikers, zodat we nog beter in staat zijn om ons aanbod vraaggericht in te vullen.

donderdag 30 april 2009

Let's twitter again

Last Tuesday I started to use 'Twitter'. As I brought my laptop to the conference and we had a free WiFi, we could also twitter during presentations. This resulted in lively discussions on the presentation and the subjects in general. For me it adds a lot to my learning, but I could also understand that if you are a presenter and your audience is 'twittering', it feels like they aren't paying attention to you story. We also discussed what to do with remarks that are ment to keep insite the organisation. Maybe you should make a remark at the beginning of your presentation, that you trust people to put their opinion on twitter and not the things a presenter says. Difficult dilemma.
For me, I think I'm addicted to this 'new' phenomenon. It is said it's used by geeks. Well maybe I'm a geek. I also read that most people that start with Twitter stop using it within a month. We'll see. One of the things I have to solve is how I can manage to 'follow' my tweeds, private blog, business blog, email and hyves in a more easy way.